De avonturen van Wullem: Sinterklaas (deel 2)

Sinterklaas 2017

Wullem tuurt over De Baandert. Het is midden in de nacht en erg onrustig in de wijk. Er gebeurt vanalles op de daken van de huizen, maar Wullem kan het niet goed zien. Het is te donker. Wullem knijpt zijn ogen tot spleetjes en tuurt nog eens goed. Er lopen allemaal mensen over de daken met rare pakjes aan en grote zakken bij zich. Wullem schrikt. Wat is daar de bedoeling van?

Dan hoort Wullem het getrappel van een paard. Een paard in De Baandert? Midden in de nacht? Het wordt steeds vreemder, denkt Wullem.

Het paard stopt precies voor Wullem. Er zit een oude eh… soort kabouter op het paard. Een kabouter met een lange witte baard een vreemde rode puntmuts. Hij heeft een gouden staf in zijn hand waarmee hij naar Wullem zwaait.

‘Zo hier sta je dan’, roept de kabouter naar boven. ‘Eindelijk ontmoet ik de beroemde Wullem.’

Wullem kijkt verbaasd omlaag . De man ziet dat de grote kabouter het niet begrijpt. ‘Hallo, aangenaam kennis met je te maken. Ik ben Sinterklaas en daar op de daken dat zijn mijn Pieten. Mijn Pieten zijn nu druk bezig om alle schoentjes van de kinderen te vullen met snoep en cadeautjes’.

Sinterklaas ziet dat Wullem het nog niet helemaal vertrouwd.

‘Mijn Pieten gaan door de schoorstenen de huizen binnen. Of de ouders laten een raam open, waardoor ze alle kadootjes kunnen brengen. Je moet weten dat ik een grote kindervriend ben die graag de kinderen verwent.’

Wullem kijkt naar beneden en moet stiekem een beetje lachen. Zo groot vindt hij Sinterklaas nou ook weer niet. En eigenlijk is Wullem toch de grootste vriend van de kinderen? Zeker van de kinderen van De Baandert!

Ondertussen houdt Sinterklaas zijn Pieten goed in de gaten, die hard doorwerken om alle chocoladeletters en presentjes op tijd in de schoenen te krijgen. Eigenlijk vindt Wullem het wel gezellig dat Sinterklaas op visite is.

Dan vraagt Sinterklaas aan Wullem: ‘Zou je mij een beetje kunnen helpen?’. Zou je mijn Pieten op de daken in de gaten kunnen houden? Mijn ogen zijn niet meer zo goed en ik heb het altijd heel erg druk als ik hier ben. Ik wil niet dat er iets gebeurt met mijn Pietjes. Ik kan een extra paar ogen goed gebruiken.’ Wullem kijkt trots over De Baandert. Hij mag Sinterklaas helpen!

Wullem let de hele nacht goed op dat er niets met zijn nieuwe Pietenvrienden gebeurt. Ook Sinterklaas is blij en knikt tevreden naar zijn nieuwe goede vriend. Bedankt, Wullem!

Als Sinterklaas wil vertrekken, kijkt Wullem een beetje beteuterd. Hij wil eigenlijk ook graag zijn schoen zetten, maar Wullem kan natuurlijk zijn laars niet uittrekken. Daar weet Sinterklaas wel wat op. Hij laat zijn Pieten de pepernoten en taai-taai verkruimelen bij Wullems boomstam. De volgende ochtend kunnen alle vogelvrienden genieten van een snoepontbijt. Dat vindt Wullem een goed idee.

En Wullem? Wullem geniet van de nachtelijke bezoekjes van zijn nieuwe vrienden. Hij let goed op de Pieten en geeft door wat de kinderen allemaal wensen van Sinterklaas. Hij is benieuwd wat zijn kindervrienden allemaal in hun schoen hebben gekregen. Kom jij ook Wullem vertellen wat je allemaal hebt gekregen?